Hoe lees je een breipatroon – voor beginners

HOE LEES JE EEN BREIPATROON?

Breipatronen, voor een beginner lijkt het net een andere taal. En dat is het natuurlijk ook een beetje, maar brei-taal kan je gelukkig makkelijk leren, hierna kan jij ook breipatronen lezen!

In dit artikel zal ik stap voor stap de verschillende onderdelen van een breipatroon uitleggen, zodat jij jouw breipatroon kan begrijpen.

breipatroon onleesbaar

Als eerste, de meest voorkomende termen in een breipatroon (met links naar mijn uitleg):

 

Afkortingen
r
av
r. samenbr
AAB
M1R
M1L
GK
goede kant (de kant die je ziet als je je breiwerk draagt)
VK
verkeerde kant (de kant die tegen jou aan zit als je je breiwerk draagt)

ONDERDELEN VAN EEN BREIPATROON

Je breipatroon heb je waarschijnlijk gevonden op internet, uit een tijdschrift of een boek. Ongeacht waar je patroon vandaan komt, meestal zijn er een aantal vaste onderdelen aanwezig. Hier zijn geen regels over! Iedere ontwerper mag zelf weten wat er in zijn/haar patroon staat. 

MATEN

Meestal is er een stuk informatie over de maten waar je uit kan kiezen. Als er meerdere maten zijn, dan staan de volgende maten vaak tussen haakjes. Let dus op tijdens het breien dat je ook de instructies volgt die passen bij de plaats achter de haakjes.

Voorbeeld:

Maten: A (B, C, D)

Zet 20 (30, 40, 50) steken op.

Als je maat C zou willen breien, ga je dus 40 steken opzetten.

Bij breipatronen voor bijvoorbeeld een trui staat ook hoe de maat zou moeten vallen. Er staat dan bijvoorbeeld dat je de maat 10 cm ruimer moet nemen dan je omvang. De trui zit dan uiteindelijk niet helemaal strak om je lijf, maar hangt soepeltjes om je heen. 

AFMETINGEN

Het is ook prettig als er afmetingen van het eindproduct per maat gegeven zijn. Maat 40 op een breipatroon is niet altijd hetzelfde als maat 40 in de winkel! Meet je model (degene waar je voor gaat breien) altijd heel zorgvuldig. Vergelijk deze meting met de afmetingen zoals ze op het patroon staan aangegeven.

BREIGAREN EN NAALDDIKTE

Er is altijd aangegeven met welk garen het voorbeeldproject van de ontwerper is gemaakt en met welke naalddikte. Je hoeft niet precies hetzelfde garen te gebruiken, maar de dikte moet wel overeenkomen, anders is het lastig om de goede stekenverhouding te krijgen.

HOEVEELHEID BREIGAREN

Hier staat per maat vermeld hoeveel bollen garen (en/of hoeveel gram) van het VOORBEELDgaren je nodig hebt voor dit project. Als jij breigaren van een ander merk neemt, kan het zomaar zijn dat het niet klopt. Ik koop daarom eigenlijk altijd een bol extra, zodat ik nooit tekort kom. 

STEKENVERHOUDING

Stekenverhouding is het aantal steken per 10cm en het aantal naalden per 10 cm. De stekenverhouding is afhankelijk van (ongeveer in volgorde van belangrijkheid!):

  • De dikte van je breinaalden
  • De dikte van je breigaren
  • Je draadspanning
  • De gebruikte techniek (plat breien, rond breien, magic loop, sokkennaalden)
  • Jouw brei stijl (Engels, continentaal, portugees, oost-europees, anders?)
  • Het materiaal van je breigaren
  • Het materiaal van je breinaalden
  • De draaiing van je breigaren
  • Het soort breinaalden (rechte, rondbreinaalden, sokkennaald)
  • De lengte van de breinaalden

Kortom het is niet vreemd dat geen breister dezelfde stekenverhouding heeft. Zelfs als je met exact hetzelfde breigaren en dezelfde breinaalden het patroon gaat breien!

De stekenverhouding is vooral van belang bij projecten die goed moeten passen, denk aan muts, sokken en truien. Vooral bij deze laatste moet de verhouding precies hetzelfde zijn, anders heb je een trui die zomaar 2 maten te groot of te klein is. Het is minder belangrijk voor bijvoorbeeld een sjaal.

Als je dus een project gaat breien waarbij je een bepaalde maat wilt maken, dan ga je eerst een proeflapje breien om jouw unieke stekenverhouding te vinden. Gebruik dan dus ook precies de breinaalden die jij wil gaan gebruiken voor je project! Over proeflapjes is heel veel te vertellen, daar heb ik een aparte blogpost over!

TECHNIEKEN

In veel breipatronen staat vervolgens een stukje over de breitechnieken die je moet kunnen uitvoeren voor dit patroon. Heel handig als je van tevoren even kijkt of er dingen zijn die je nog moet leren. Soms staat er uitleg bij of links naar websites/filmpjes. Je kan natuurlijk altijd bij mijn Tutorials kijken of ik er toevallig een filmpje over heb!

AFKORTINGEN

In vrijwel ieder breipatroon worden afkortingen gebruikt. Net zoals bovenaan deze blogpost krijg je dan een lijstje met afkortingen en een uitgeschreven variant. 

INSTRUCTIES

In de instructies kan je vinden wat je precies moet doen om het project te breien. Volg de instructies altijd stap voor stap en lees ze van tevoren volledig door. Als er dingen onduidelijk zijn, probeer dit dan op te lossen voordat je begint met breien. Vraag het bijvoorbeeld de ontwerper of een mede-breister. 

Zorg dat je begrijpt hoe de ontwerper het breiwerk heeft gemaakt: 

  • In welke richting is het breiwerk gebreid (van boven naar onder, van links naar rechts, binnenstebuiten?)
  • Is dit patroon in het rond gebreid of in platte delen?
  • In welke volgorde ga je breien (eerst de voorkant, dan de achterkant, dan de mouwen?)
  • Staan er brei instructies die je tegelijkertijd moet volgen op dezelfde naald? (bijvoorbeeld meerderen voor een V-hals en tegelijkertijd minderen voor een armsgat?) Markeer deze alvast of maak er een notitie van!
  • In welke andere onderdelen van het patroon moet je extra opletten op de instructies? Markeren maar!
  • Zijn er technieken die je nog niet beheerst of afkortingen die je niet kent? Tip: zoek ze op Youtube, het meeste is wel te vinden (ik probeer zoveel mogelijk nederlandstalige techniekfilmpjes te plaatsen!)

Het is ook handig om bijvoorbeeld het patroon uit te printen en te markeren welke instructie je hebt gehad. Of je kan ervoor kiezen om er een papier naast te houden en aantekeningen te maken. Bij ingewikkelde patronen doe ik dit het liefst. Er bestaan ook apps die dit doen.

Er staan soms tekentjes in de instructies: * .. *  of [ .. ] betekent dat je de instructies ertussen moet herhalen. Er staat dan ook aangegeven wanneer je moet stoppen met herhalen. Bijvoorbeeld ‘tot de laatste 2 steken’. 

AFWERKING

Soms zijn er instructies hoe je je breiproject moet afwerken. Je moet natuurlijk altijd losse draadjes wegwerken. Misschien staan er ook instructies over hoe je delen aan elkaar moet naaien, of er nog knopen, pompoms of andere onderdelen aan vast gemaakt moeten worden, en nog veel meer. Het kan dat je jouw breiproject moet blocken. Lees dit stuk ook goed door voor een mooie finishing touch!

 

teltekening onleesbaar

TELTEKENING/TELPATROON/BREISCHEMA

Er zijn veel teveel Nederlandse termen in omloop voor deze dingen! Ik vind breischema de beste vertaling van het Engelse ‘knitting chart’, dus laat ik die gebruiken. 

Je breischema geeft een overzicht van je breiwerk zoals het eruit gaat zien aan de goede kant. Ieder blokje in een breischema staat voor een breisteek. De breisteek heeft een symbool gekregen, zodat je weet welke steek je moet breien.

IN WELKE RICHTING LEES JE HET BREISCHEMA?

Nadat je je steken hebt opgezet, begin je rechtsonder in het schema bij het 1e rijtje. Je leest dus van rechts naar links, precies zoals je je breiwerk maakt. Als je alle steken van het 1e rijtje hebt gebreid, draai je je breiwerk om (als je een plat breiwerk maakt). 

Daarna ga je naar het 2e rijtje. Alle even rijtjes lees je van links naar rechts, MAAR je houdt er rekening mee dat de voorkant (GK) van het werk wordt weergegeven! Als je een plat breiwerk maakt, moet je in je hoofd dus omdraaien wat je precies moet doen. Klinkt ingewikkeld, maar bij heel veel patronen is de even rij gelukkig alleen maar averecht breien. Soms worden de even rijtjes dan niet eens weergegeven in het breischema! Of er staat ‘breien zoals de steken zich voordoen’. Scroll iets verder door om mijn uitleg hierover te lezen.

Het komt echt zelden voor dat je iets ingewikkelds moet doen op de even rijtjes, als jij dit tegenkomt, moet je je voorbereiden op wat hersengymnastiek. Ik stel voor dat je iedere steek uitschrijft (voor zover de ontwerper dat niet al heeft gedaan). 

LEGENDA

Bij een breischema zit altijd een uitleg wat ieder symbool betekent, kijk hier goed naar! In principe zijn de meeste symbolen universeel. Maar er zijn ontwerpers die zelf varianten bedenken. 

COMPLEXE STEKEN

Bij kabel- en kant/ajourpatronen kunnen breischema’s er heel complex uitzien. Blijf onthouden dat je gewoon ieder rijtje van rechts naar links leest. Niet te moeilijk denken, gewoon ieder symbool 1 voor 1 breien van rechts naar links! Een handige tip om complexe breischema’s makkelijker leesbaar te maken, is om kleurtjes te gebruiken. Print je schema uit en neem de tijd om iedere steek een kleur te geven (kleurpotlood werkt prima!) in de legenda. Ga vervolgens in het breischema de verschillende symbolen de kleur geven die jij hebt toegewezen. Gewone rechte steken kan je natuurlijk wit laten. De kleurtjes maken het net iets overzichtelijker!

HERHALING

Vaak staat er een gekleurd vierkant of rechthoek in het breischema. Dit geeft de herhaling van het patroon aan. Je start bij het begin van het rijtje aan de rechterkant, ook als dit buiten de herhaling valt. Daarna brei je de herhaling net zo vaak als dat nodig is (staat vaak in het patroon, of het is logisch als je aan het breien bent). Op het laatst brei je pas de steken die links van de herhaling staan. 

BREIEN ZOALS DE STEKEN ZICH VOORDOEN

‘Breien zoals de steken zich voordoen’, als je dit tegenkomt in een patroon kan dat verwarrend zijn. Maar eigenlijk is het heel simpel!

breiwerk lezen boordsteek

Je ziet hier net onder mijn breinaald de eerste naald van een stukje boordsteek, 2 rechte steken afgewisseld door 2 averechte steken. De rechte steken herken je door het v’tje die onder de breinaald hangt en de averechte steken geven een bultje/banaantje/macaroni’tje/parapluutje (wat je maar wil om het makkelijk te kunnen onthouden!). 

Breien zoals de steken zich voordoen betekent dat je de steken breit zoals je ze ziet hangen onder je linker breinaald. Zie je een v’tje, dan maak je een rechte steek. Zie je een bultje, dan maak je een averechte steek. 

Je kijkt dus bij elke steek die je gaat breien wat eronder hangt, gewoon zoals je op dat moment tegen je breiwerk aankijkt. Je hoeft geen rekening te houden met wat de goede of verkeerde kant is, vooral niet te moeilijk denken! Het korte zinnetje ‘Breien zoals de steken zich voordoen’ is zo kort en simpel, omdat je dit dus ook op een simpele manier moet uitvoeren. 

Kortom, een rechte steek boven een v’tje en een averechte steek boven een bultje!

KLEURENSCHEMA/KLEURENPATROON

Ook hier geen mooie Nederlandse vertaling voor zover ik weet, in het Engels heet het een color chart. In het Nederlands wordt de term teltekening ook hiervoor gebruikt. 

Dit kom je tegen in patronen waarbij je met meerdere kleuren tegelijk gaat breien. Dit is een techniek voor gevorderden! 

Het lezen van een kleurenschema gaat precies hetzelfde als een breischema, dus ook van rechts naar links, en onderaan beginnen. Patronen waarbij je kleuren gaat inbreien (soms ook jacquard of fair isle genoemd), worden meestal in het rond gebreid. Iedere steek is dus een rechte steek. Het enige wat verandert is de kleur waarmee je de steek gaat breien. In een latere blogpost zal ik meer uitleggen over breien met meerdere kleuren tegelijk!

Ben jij op zoek naar breipatronen voor beginners, kijk dan eens hier!

Heel veel breiplezier!

10 gedachten over “Hoe lees je een breipatroon – voor beginners”

  1. In mijn breipatroon staan grijze vakjes, wat betekent : geen steek.
    Wat bedoelen ze daarmee en wat doe ik met die steken??
    Snap het echt niet…

    Beantwoorden
  2. ik heb een heb een vraag ik ben een beginnende breister
    Nu staat er bij de mouw
    om de 8e naald 4maal en om de 6e naald 4 maal meerderen
    Houd dat in dat ik de bij de 8e naald moet meerderen en daar naar bij de 6e naald
    en dan bij de 8 e naald weer

    Beantwoorden
  3. Hallo,
    Ik heb een prangende vraag, ik ben verschillende steek patronen aan het leren. Nu ben ik bij chevron van verdraaide steken. Er staat veelvoud van 12 stelen plus 1.
    Het tel patroon geeft 13 steken aan. Hoe moet ik dit doen? Ik kom namelijk niet met mijn steken uit.

    Groet,

    Hilda Kastelein

    Beantwoorden
    • Dag Hilda, veelvoud van 12 + 1 doe je als volgt: Stel je wil een sjaal maken die ongeveer 50 steken breed is. Dan doe je 4×12=48 en dan nog de +1, dus je zet 49 steken op voor het patroon. Voor een deken met ongeveer 120 steken doe je 10×12=120 +1 is 121 steken opzetten.

      Beantwoorden
  4. Hallo, Ik ben een schipperstrui aan het breien in het rond op rondbreinaalden Na de oksels moet ik dan denk ik op twee naalden verder. Hoe brei ik dan het patroon verder ? Nu is elke regel een rondbreinaald. Maar hoe moet ik de teruggaande naald breien bij 2 naalden BVD.

    Beantwoorden
    • Hoi Mieneke, er zijn 2 opties denk ik. Je kan verder gaan in het rond en dan later het armgat openknippen (knipbies), of je moet het patroon inderdaad heen en weer breien. Ik vind het zelf niet fijn om te doen, omdat je niet ziet wat je doet aan de verkeerde kant, maar het is zeker wel mogelijk. Hopelijk kan je verder met het patroon!
      Groetjes!

      Beantwoorden
  5. Even een vraagje, ik twijfel heel erg.
    Als je dit leest: aan weerszijde meerderen, doe je dat dan steeds aan het eind vd naald óf begin én eind vd naald. 🤔
    Scheelt in het totaalplaatje toch flink wat te breien naalden, dus lengte….

    Beantwoorden
    • Aan weerszijden meerderen doe ik altijd aan het begin en einde van een naald. Je beïnvloedt ook de vorm van het breiwerk door meerderingen, dus het is wel belangrijk om ze goed te plaatsen.

      Beantwoorden

Plaats een reactie